Voorzieningen
In dit deel over voorzieningen kun je meer lezen over:
- infrastructuur zoals: energievoorziening (stroomuitval), watervoorziening en openbaar vervoer
- huisvesting
- onderwijs
Infrastructuur
Energievoorziening: apagones
De DR kampt met een chronische energiecrisis. Deze situatie duurt al een
groot aantal jaren. Het is een van de meest ingrijpende problemen in het
land. De apagones (dagelijkse stroomuitschakeling) vreten energie en verlammen
het land. Over de hele dag heen bedragen ze al gauw zo’n 10 tot 15
uur.
Door een complex van oorzaken wordt er in de DR veel te weinig stroom geproduceerd. Een belangrijke factor hierbij is het illegale aftappen van stroom. Dit gebeurt zowel door particulieren (rijk en arm) als door bedrijven. Geschat wordt dat meer dan 40% van het stroomverbruik illegaal is. Energieleveranciers zeggen daardoor veel te weinig geld binnen te krijgen om voldoende stroom te kunnen inkopen. Dit ondanks enorme subsidies die ze ter compensatie van de overheid ontvangen. Men ziet zich daarom genoodzaakt om dagelijks de verschillende stroomcircuits gedurende lange tijd uit te schakelen. Daarin weet men echter geen regelmaat aan te brengen, of men wil het niet. Niemand weet vooraf wanneer de stroom uitvalt en wanneer deze weer terugkomt. In het algemeen worden circuits die arme barrio’s bedienen, vaker uitgeschakeld dan de circuits die de rijke wijken bedienen.
“¡Hay agua, hay agua!”
Ondanks de belabberde toelevering zijn de energietarieven torenhoog. Bijna de hoogste van alle Amerikaanse landen. Dit werkt op haar beurt het illegaal aftappen in de hand. Een vicieuze cirkel waaruit tot op heden niemand een uitweg weet te vinden. Buitenlandse bedrijven zijn om deze reden vaak huiverig voor investeringen. Middenstanders gaan failliet omdat ze de dure brandstof voor hun aggregaten niet kunnen betalen.Ongeveer 10% van de bevolking heeft helemaal geen elektriciteitsaansluiting.
Watervoorziening
Ook de watervoorziening is slecht. Zowel in steden als op het platteland
zijn de meeste mensen afhankelijk van openbare kranen waar een paar keer
per week wat water uitkomt. Vaak blijft onzeker wanneer dat is. Daarom
laat men ze nogal eens open staan. Op het moment dat de kraan begint te
lopen, gonst het rond: “Hay agua, hay agua”, (“er
is water”). Iedereen vult dan zoveel mogelijk emmers, flessen
of bakken waarmee men dan weer een paar dagen mondjesmaat vooruit kan.
Stromend water uit de kraan is er alleen in grotere huizen die een cisterne hebben (ondergrondse tank). Deze wordt gevuld gedurende de uren dat via het openbare net water wordt aangeleverd. Vaak is dat niet voldoende en moet er voor veel geld een tankwagen met extra water gekocht worden.
Tegelijkertijd is er sprake van een enorme waterverspilling omdat het buizenstelsel dat het water moet aanleveren van slechte kwaliteit is en talloze lekken vertoont. Drinkwater moet gekocht worden en is niet goedkoop: ongeveer 1 euro per 10 liter, voor de armen een behoorlijke aanslag op het budget. De vaak minimale aanlevering van water leidt regelmatig tot onrust en protest onder de bevolking.
Het openbaar vervoer
Er wordt hard gewerkt aan een verbetering van het hoofdwegennet, autowegen
die vanuit de hoofdstad Santo Domingo een snelle verbinding met de noord-
en oostkust moeten realiseren. Hier liggen de belangrijkste toeristische
centra. Het openbaar vervoer over de grote afstand wordt via comfortabele
bussen verzorgd.
De kwaliteit van de secundaire wegen is dikwijls belabberd: veel kuilen en opgebroken trajecten die niet hersteld worden. Het gebeurt regelmatig dat een wegverbetering halverwege wordt gestopt omdat de aannemer meent dat het budget op is. Vaak is dit omdat hij voor een ander traject een nieuwe pot met geld heeft weten te regelen. Het kan dan tijden, soms jaren, duren voordat er weer verder wordt gewerkt aan zo’n weg.
Binnenwegen zijn vaak onverhard en na veelvoorkomende overvloedige regen bijna onbegaanbaar. Lokaal en regionaal vervoer voor de plaatselijke bevolking gaat vooral via kleine, aftandse busjes, via collectivos (afgeschreven personenauto’s waarin zes passagiers worden gepropt), en via motoconchos (brommertaxi’s). Het aanbod is overdadig, veel Dominicanen proberen op deze wijze in de transportsector een boterham te verdienen. In Santo Domingo wordt gewerkt aan de aanleg van een kostbare en omstreden metro. De meeste Dominicanen menen dat dit geld beter in het onderbedeelde onderwijs of in de kwakkelende gezondheidszorg had kunnen worden geïnvesteerd. In de Dominicaase Republiek bestaat geen personenvervoer via de trein.
Voetbrug: Zo kan het ook. Voetpontje: En zo ook.
Huisvesting
Rijke mensen wonen in grote huizen met meerdere badkamers, luxe keukens en grote patio’s. De huizen zijn altijd voorzien van een inversor, een kostbaar systeem om stroom op te slaan in accu’s, zodat men ook tijdens de stroomloze uren over alle voorzieningen kan beschikken.
Ramen en deuren hebben tralies en hekwerken, de huizen worden vaak omzoomd door een hoge muur en worden bewaakt. Dit om inbraak en ander geweld te voorkomen. Ook de meer bescheiden huizen van mensen die tot de middenklasse behoren zijn voorzien van tralies en hekwerken. Grote huizen hebben meerdere garages. In minstens één ervan wordt een SUV (PC Hoofttrekker) gestald want dergelijke voertuigen zijn zeer populair.
Het hebben van een eigen huis is voor veel Dominicanen een grote wens omdat het kan dienen als een bescheiden alternatief voor het ontbreken van een pensioen. Maar een huis kopen met een hypotheek is op basis van een gemiddeld salaris niet mogelijk. De hypotheekrente is torenhoog. De mensen zijn meestal afhankelijk van de bereidheid van een familielid in het buitenland om zo’n huis te financieren.
Ook kleinere huizen zijn afgesloten met hekken en tralies
De armen wonen in krottenwijken. De ‘betere’ huizen in deze wijken zijn gebouwd van betonblokken en hebben een betonnen vloer. De meerderheid echter is opgebouwd uit oude planken, blik(ken) en karton. De vloer is van leem. De hutjes hebben vaak maar één of twee vertrekken. Daar staan een paar stoelen, een gammele tafel en één of twee bedden. Met wat geluk staat er soms ook een televisie of een enkele keer een oude koelkast (die het meestal niet doet omdat er geen stroom is). De meeste kinderen slapen met drie of vier in een bed (om en om, naar hoofdeinde en naar voeteneinde). Veel kinderen slapen ook, gewoon, op de harde vloer. Maar de daken zijn niet waterdicht. Bij hevige regenval betekent dit minstens een natte bedoening maar vaak ook een enorme smeerboel als de vloer van leem is.
Hutje, grotendeels gebouwd van blik
Gekookt wordt er in deze huisjes op ouderwetse butagasstellen (er is alleen flessengas in de DR) of op een houtvuurtje. Een riskante manier van koken die vaak tot ongelukken leidt. Veel kinderen lopen brandwonden op. Deze ontstaan ook omdat er ’s avonds als er geen elektriciteit is, een olielamp of kaars wordt aangestoken.
Keukentje
Vaak zijn de huisjes tijdelijk omdat mensen verder trekken, op zoek naar werk. In een andere omgeving bouwen ze dan weer een nieuw onderkomen. Soms worden ze verjaagd omdat de grond geen eigendom is. De huisjes worden dan door een gemeente of door een grondeigenaar afgebroken. Men zoekt een nieuwe plek en bouwt opnieuw. Soms op riskante plaatsen omdat er geen alternatief is: aan het strand of nabij een rivierbedding bijvoorbeeld. Vaak worden hele partijen huisjes weggevaagd als gevolg van natuurgeweld, met name gedurende het orkaanseizoen (juni tot november).
Sloppenwijk nabij rivierbedding
Ondanks de primitieve en vaak smerige leefomstandigheden zien ook arme Dominicanen er in het algemeen correct gekleed en schoon uit. Hier wordt veel waarde aangehecht. Dit kan alleen omdat er heel wat wordt gewassen en geboend in de huisjes.
Onderwijs
De kwaliteit van het onderwijssysteem in de DR wordt internationaal beoordeeld als uiterst zwak. Als gemiddelde onderwijsprestaties van leerlingen en studenten uit de DR worden vergeleken met die van studenten uit andere Latijns Amerikaanse landen, dan blijven deze prestatie alarmerend ver achter.
Met name de onderwijskwaliteit op de openbare scholen is slecht. Privé scholen scoren gemiddeld iets beter. Deze zijn echter onbetaalbaar voor de armere mensen. Het onderwijs in de DR wordt gegeven in zg. ‘tandas’: Men gaat ’s morgens of ’s middags naar school. In het voortgezet onderwijs is er soms ook een lichting avondleerlingen.
Formeel ontvangen de leerlingen vier uur per dag onderwijs. Effectief is dit in het algemeen niet meer dan 3 á 3,5 uur: Er wordt vaak later begonnen, bovendien wordt nogal wat tijd besteed aan rituelen. Docenten, met name op de publieke scholen, zijn vaak afwezig i.v.m. overleg. Dan is er ook geen les.
De voorzieningen in de openbare basisscholen zijn meestal slecht tot abominabel. In het lokaal is alleen een schoolbord. Andere leermiddelen zijn er niet. Ook boeken zijn er meestal nauwelijks. Er wordt gewerkt met een serie standaardlesboeken die ooit door de overheid zijn uitgegeven. Maar daarbuiten beschikt men niet of nauwelijks over informatiemateriaal (naslagwerken, atlassen, wandkaarten, woordenboeken, e.d.). Verreweg de meeste basisscholen hebben nog geen computers. Het aantal schoolmeubelen, stoelen, banken, is vaak zwaar onvoldoende en van slechte kwaliteit. Leerlingen zitten nogal eens op de grond of op stenen.
Het verzuim is hoog. Leerlingen moeten soms ver lopen om naar school te gaan. Met slecht weer lukt dit niet. Bovendien verzuimen veel oudere leerlingen nogal eens omdat ze op een broertje of zusje moeten passen als hun ouder soms een dag werk heeft. Leerlingen die het basisonderwijs verlaten, soms zijn ze dan al veertien of vijftien jaar, schrijven vaak grotendeels nog fonetisch. Vermenigvuldigen en delen kunnen ze dikwijls niet. En kennis van bijvoorbeeld de topografie van het eigen land ontbreekt.
Tot voor kort werd op scholen geen enkele aandacht besteed aan het leren van vreemde talen. Voor het leren van Engels moeten kinderen naar dure privé cursussen. Sinds kort wordt op sommige basisscholen voor het eerst wat Engels gegeven. Echter, het ontbreken van grammaticakennis en het niet correct kunnen spellen maakt het aanleren van een vreemde taal moeilijk.
