Drama met bootvluchtelingen treft Vista del Valle (CEPA-project)
San Francisco de Macorís, 13 februari 2012Yanesa (9 jaar) en Yuri (6) zitten op een basisschool in Vista del Valle vlakbij de CEPA-school van Julia Estela. Sinds een aantal dagen zijn ze wees. Hun moeder was al eerder overleden. Hun vader verdronk afgelopen zaterdag toen de yola verging waarmee hij, samen met zo’n zeventig anderen, probeerde Puerto Rico te bereiken. ‘Op zoek naar een betere toekomst voor de kinderen’, zo had hij tegen zijn moeder gezegd. De moeder heeft veel angst voor de gevaren van dit soort overtochten en wilde niet dat hij ging. Maar toch: ‘hij was niet aanspreekbaar, hij moest en zou gaan’, zo verklaarde ze. Verder verloor Joël, de motorista, vaste boodschapper, van de CEPA-school, bij hetzelfde ongeluk acht vrienden waarvan drie uit één familie kwamen.
Jaarlijks proberen tienduizenden Dominicanen de armoede te ontvluchten door de illegale oversteek te maken naar het nabijgelegen Puerto Rico. Dit eiland, Amerikaans protectoraat, is de gehoopte toegangspoort naar het Beloofde Land, de Verenigde Staten in dit geval. In open bootjes, yola’s of lancha’s genoemd, wordt getracht de 20 km. brede golfstroom te bedwingen die de twee eilanden scheidt. Een bijzonder gevaarlijke onderneming, de golven zijn hoog en onvoorspelbaar, de stroming kan sterk zijn. Bovendien moet de Puerto Ricaanse kustwacht worden ontweken en moet er onopgemerkt op een afgelegen plaats aan de overkant worden geland. Veel van deze mensensmokkeltochten worden onderschept. Maar ook regelmatig gebeurt het dat de bootjes vergaan en opvarenden verdrinken. Het gebeurde nog in december vorig jaar. En nu weer, op zaterdag 4 februari. En nog nooit was het aantal slachtoffers zo groot als bij deze laatste tocht. Men betaalde er per persoon tot zo’n 50,000 pesos, 1000 Euro, voor. Een groot bedrag voor deze mensen, vaak wel zo’n acht maanden werken, tenminste voor zover ze werk hebben. Ze moesten het geld lenen of hun bezittingen verkopen. Sommigen hebben er zelfs hun zelfgebouwde huisje voor ingeleverd.
Een groot deel van de opvarenden, meer dan 40 personen, is afkomstig uit San Francisco de Macorís. De stad behoort tot het gebied waar de kapitein van de boot gewoon is om zijn klanten te ronselen. De werkloosheid en de armoede zijn er groot en mensen zijn al gauw gevoelig voor de gouden bergen die worden beloofd. Uit Vista del Valle kwamen 15 slachtoffers. De betreffende kapitein is twee keer eerder gearresteerd voor het organiseren van een illegale overtocht, in 2000 en in 2008. Hij heeft dus al aardig wat jaren ervaring.
Reddingswerkers brengen lichamen van slachtoffers aan land
De yola was 26 voet lang, bijna 8 meter, en bood plaats aan maximaal 32 personen. Maar iedere extra klant levert 1,000 Euro op. En de mensen die deze tochten organiseren worden alleen maar geboeid door het grote geld. Dus werden er veel te veel klanten geaccepteerd. En uiteindelijk vertrok het bootje in de nacht van vrijdag op zaterdag 4 februari met vijf en zeventig mensen aan boord. Het voer uit vanuit het plaatsje Sanchez aan de baai van Samaná. En het ging mis even voorbij het bounty-eiland Cayo Levantado waar de golven plots een stuk heftiger worden. De boot kapseisde rond twee uur in de nacht. Op zichtafstand van de talloze toeristen die verblijven in het vijfsterren resort dat zich op dit eiland bevindt. Het bootje werd uiteindelijk in de vroege ochtend door vissers gevonden.
Er werden in totaal 57 lichamen geborgen. Lang niet iedereen kon geïdentificeerd worden maar zeker is dat er nog vijf personen worden vermist. Er zijn dertien overlevenden waaronder de kapitein. Deze is inmiddels gearresteerd. Een aantal van de opvarenden overleefde door naar de kust te zwemmen, een tochtje van minstens zes uur. Ze hadden geluk, ook in een ander opzicht: In de baai komen nogal wat haaien voor. De autoriteiten zeggen dat het scheepje erg licht was geconstrueerd en met zoveel mensen aan boord geen partij was voor de hoge golven.
Het reddingswerk en de berging van de slachtoffers verliep chaotisch. De lichamen spoelden aan, verspreid over de hele baai van Samaná, ook op Cayo Levantado. Verder bleek er geen benzine beschikbaar te zijn voor de scheepjes van de vrijwillige reddingsbrigade. En er was ook geen geld voor. Hetzelfde gold voor de vissersschepen die meededen aan het reddingswerk. Uiteindelijk. hebben familieleden van de slachtoffers geld bij elkaar moeten brengen om de schepen te laten varen. De beschuldigende vinger gaat nadrukkelijk richting kustwacht die veel te weinig gedaan zou hebben om de hulpverlening goed te coördineren. Bovendien wordt er van veel kanten gesuggereerd dat uiteindelijk de kustwacht verantwoordelijk is voor het plaatsvinden van deze roulette vorm van mensensmokkel: Medewerkers van de kustwacht zouden altijd weer smeergeld van de organisatoren aannemen en dan op het moment van vertrek een andere kant op kijken.
En de pers? Die lustte er wel pap van. Zoveel drama, zoveel menselijk leed, het was volop ‘bingo!’ Dagen achter elkaar, een week lang. Men zat er bovenop. Soms haast letterlijk want de televisie geneert zich er niet voor om de aangespoelde lijken, vaak nog half in zee liggend, close up in beeld te brengen. Elke dag was er weer nieuwe voorraad. Met bijvoorbeeld ook genante beelden van een vrachtwagen vol lichamen in plastic verpakt, die de laadbak in de kiepstand zet en de klep opent waarna de lijken geleidelijk uit de bak glijden om terecht te komen op een braakliggend, glibberig nat stuk grond. Ja, zo gaan die dingen natuurlijk maar om dat nu allemaal zo zonder terughoudendheid op het zesuur journaal van de televisie te vertonen, daar had ik toch wel moeite mee. Gelukkig heeft een officier van justitie nog net weten te voorkomen dat de niet te identificeren lichamen collectief in een massagraf terecht kwamen. En Yanesa en Yuri? Die wonen nu voorlopig bij hun grootmoeder, de grootmoeder die zo nadrukkelijk geprobeerd heeft om haar zoon van deze dramatische tocht af te houden.
Frans Huber
Mensensmokkel tussen de Dominicaanse Republiek en Puerto Rico: cijfers
In 2011 zijn meer dan 2000 illegale trips geregistreerd. Ze zouden de organisatoren meer dan 40 miljoen euro hebben opgeleverd. Driekwart van de bootvluchtelingen zijn mannen. Onder de vrouwen die zich aan het avontuur overgeven zijn er relatief veel die zwanger zijn. Het zijn niet alleen Dominicanen die de overtocht wagen. Er zijn elke tocht ook een flink aantal (illegale) Haitianen en Cubanen bij. Een tocht telt in het algemeen tussen de vijftig en honderd deelnemers. Per persoon wordt tussen de € 700 en € 1100 betaald. Vaak mag een gedeelte van dat bedrag worden voldaan na geslaagde aankomst in Puerto Rico. Het vorige ongeluk waarbij slachtoffers waren te betreuren dateert van december vorig jaar. Een lancha met 95 mensen aan boord leed schipbreuk op volle zee waarbij 3 dodelijke slachtoffers zijn teruggevonden maar waarvan nog steeds enkele tientallen personen worden vermist.
In 2011 zijn 199 scheepjes in beslag genomen. Alleen al in de maand september werden 36 overtochten verijdeld. Er werden in dat jaar in totaal ongeveer 200 arrestaties verricht onder de organisatoren van de tochten. In de Verenigde Staten zijn de wetten rond illegale grensoverschrijding de laatste jaren flink aangescherpt en ook de opsporing is geïntensiveerd. Dit heeft echter tot nu toe geen beperkende invloed op de frequentie waarmee de tochten plaatsvinden. In tegendeel, het lijkt erop dat het aantal tochten alleen maar groeit.
Helaas zijn er geen cijfers beschikbaar over het totale aantal mensen dat in 2011 is verdronken of wordt vermist.
